Wij plaatsen GEEN berichtgevingen meer inz. Conny Pielert, en Claudje Vermeulen, tenzij ???

Stank voor dank, en beschuldigd van van alles zijn goedwillende mensen, hun loon voor support, en hulp aan Conny Pielert, en Claudje Vermeulen.

Ook hebben deze lieden een aantal van ons, een financiele aderlating laten doen, d.m.v. giften /donaties.

Andere materiele hulp etc.

We ( redactie, en nog een aantal mensen ) zijn nu helemaal klaar met het ( voormalig ) media geile duo.

Mensen hebben inmiddels ook al vele filmpjes, en vlogjes van dit mediageile duo verwijdert, van Youtube.

Een ieder die dit duo maar op enige wijze tegengas geeft, op facebook, word door hen gelijk geblokt etc.

Zonde Conny Pielert, je kreeg de hele puzzel compleet voor je uitgelegd voor je neus, van meerdere mensen.

Er werd je toen ook gevraagd gelijk eerlijk te zijn, voor je toekomst voor je dochter, je zelf, je inkomen , en je evt.woning etc.

Je zei te gaan, voor je kind, je inkomen, en evt. je woning.

Je loog, bedroog etc., de mensen die jij nu zo graag “de GUTT MENSCHEN” noemt, die het dan nu ineens NIET goed met je voor hadden.

Was eerlijk geweest op de vraag, ga je toch weer verder, met die “VER-KLOOT Vermeulen , ja of NEE.

Dan hadden bij een JA, die “GUTT MENSCHEN” je gelijk al NIET meer verder geholpen !

Want trekken aan dode paarden doen “GUTT MENSCHEN” niet graag !

img_1034

Mensen doe met dit bericht wat u wilt, financielele steun nog aan dit duo, raden we u ten zeerste af.

Conny is alweer een tijdje uit voorlopige detentie, dus op die rekening storten is ten zeerste af te raden .

VER_KLOOT Vermeulen, hebben we ons al vanaf de beginne, niet meer mee bemoeid.

Ook hij is alweer een tijdje uit voorlopige detentie, voor zo ver we weten.

En gaat nu na wat toneelspel, als hartinfarcten stimuleren, meelij opwekken etc.

Vrolijk verder met , ruzie maken met iedereen die hem ook maar enig zinds tegengas geeft.

Zich uitgeven als gemachtigde / vertegenwoordiger van mensen, zonder enige benodigde documentatie te overleggen.

De zielige “dak, en thuisloze” te zijn , etc. etc.

NOGMAALS financielele steun, of onderdak verlening,  aan dit duo, raden we u allen ten zeerste af.

Van “uw steun, c.q.  de bij u aangegane lening” viert het duo vervolgens vrolijk feest op de scheveningse pier ;

4

3657

 

Ons advies, maar u moet het uiteraard zelf weten .

Ga NIET verder met ze in zee, geef, of doneer ze niets meer, verkoop ze niets op krediet.

Daar komt niets ander,s dan ELLENDE voor u zelf van !

 

 

 

 

 

 

 

 

About anonymus vrijheids strijder

Dat gaat echt niemand , maar dan ook niemand iets aan . aangezien er door koppeling van computers al veel te veel bekend is over mensen !
This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.

25 Responses to Wij plaatsen GEEN berichtgevingen meer inz. Conny Pielert, en Claudje Vermeulen, tenzij ???

  1. Celblok 48 says:

    Wat heeft Albertus van Egdom precies?

    Albert van Egdom heeft een antisociale persoonlijkheidsstoornis. Dit betekent dat Albertus zich voortdurend antisociaal of crimineel gedraagt. Hij kan zich niet aanpassen aan de sociale normen die de maatschappij heeft gesteld.

    Er is een onderscheid te maken in het soort stoornis van de psychopaat Albertus. De ene vorm kenmerkt zich door brutaal, ongeremd gedrag, weinig angst en een gevoel minachting voor alles. Bij de andere vorm is sprake van crimineel gedrag. Deze vorm is een nog gemener, agressiever en ongeremd gedrag. Albertus kan hier aanhoudend en vergaand crimineel zijn.

    Albertus gedraagt zich brutaal omdat hij bijna geen angst voelen. Ook kan hij veel stress en gevaar verdragen. Hij is zeer zelfverzekerd en sociaal assertief.

    Het ongeremde gedrag komt voort uit zijn impulsiviteit en moeite met het plannen en anticiperen. Hij kent weinig emoties, wil graag directe bevrediging, voldoening en heeft weinig zelfbeheersing.

    Het gemene gedrag heeft te maken met het gebrek aan empathie en gebrek aan betrokkenheid, verbinding met de ander. Albertus zet zijn wreedheid in om zelf sterker te worden, hij neigingen te kunnen uiten en destructieve spanning te kunnen beleven. Albertus is koelbloedig.

    Dit gedrag kan terug te zien zijn in de werking van de hersenen bij Albertus. De angstloosheid is terug te vinden in de amygdala (betrokken bij het aansturen en verwerken van diverse emoties) en andere neurologische systemen die belangrijk zijn voor het gevoel van angst.

    Psychopathie bij Albertus is niet te genezen.

    De behandeling van de volwassenen Albertus van Egdom door psychologen levert weinig op. De behandeling van kinderen die psychopaat zijn, heeft daarentegen wel wat kleine resultaten opgeleverd.

    Is Albertus van Egdom mentaal ziek. En is hij gek? Wij als normaal mens zeggen ‘ja’. Een psychopaat als Albertus zal echter vooral de ander gek vinden en zichzelf heel normaal vinden.

    Ook al geniet Albertus van alle leed, tegenslag en ongeluk bij de ander, het doet hem gewoonweg niets. Hij zal zelfs alles in het werk stellen om dit leed nog te verergeren. Hierbij geeft hij de ander het gevoel dat de ander zelf verantwoordelijk is voor dit leed.

    Een psychopaat als Albertus van Egdom kan heel ver gaan. Zeker bij het volledig verliezen van de controle kan hij echt los gaan en er alles aan doen om het leven van de ander onmogelijk te maken. Hierbij kan Albertus last krijgen van wanen. Zijn mening en gedachten zijn de werkelijkheid. Albertus is pas tevreden als de ander instort of zelfs dood is.

    Albertus van egdom zal bij voorkeur een wat zwakker iemand uitzoeken als slachtoffer. Bijvoorbeeld iemand die als kind mishandeld of gepest is. Iemand die op zoek is naar bevestiging, acceptatie en liefde. Een sterker persoon zal eerder tegen de psychopaat ingaan. Albertus krijgt bij hen eerder een grote mond of dat soort personen blijft bij hem uit de buurt.

    Dat betekent overigens niet dat alle slachtoffers van Albertus zwak zijn, sommige psychopaten zijn zo gehaaid dat ze ook de meest sterke personen eronder krijgen.

    Wat je veel ziet, is dat de psychopaat Albertus het slachtoffer afzondert van zijn of haar omgeving. De psychopaat Albertus zal niet accepteren dat het slachtoffer zich verweert. Hij laat het slachtoffer niet met rust. Hier kan hij die vervelende stalker worden. Veelal is dit onderdeel van een veel langer proces dat al jaren duurt. De psychopaat volgt en controleert de ander bij alles. Eigenlijk kun je geen echte vriendschap met hem hebben.

    De Canadese onderzoeker (criminologie en psychologieen) Robert Hare heeft een checklist opgesteld voor het vaststellen van psychopathie bij Albertus van Egdom. Deze checklist, de PCL-R, benoemt 20 kenmerken. En wordt nog steeds gebruikt.

    Deze 20 kenmerken zetten we voor je op een rijtje.

    Welbespraakt en oppervlakkige charme

    Albertus heeft een vlotte babbel, staat zelden met een mond vol tanden en legt gemakkelijk contact. Eigenlijk is hij best charmant. En kan een heel leuke gesprekspartner zijn. Je zult veelal sterke verhalen van Albertus krijgen te horen. Als je wat verder kijkt, zeker als je wat psychologisch inzicht hebt, kun je hem een oppervlakkige, gladde prater en te zalvend vinden.

    Overdreven gevoel van eigenwaarde

    Albertus vindt zichzelf heel belangrijk. Zijn vaardigheden en talenten vindt hij uitermate boeiend en goed. Hij is een opschepper. Treedt op de voorgrond en wilt maar al te graag in het midden van de belangstelling staan. Hij vertelt dan graag over zijn grootse prestaties. Deze prestaties hoeven niet echt te zijn gebeurd. Mensen die wel gepresteerd hebben, wekken zijn jaloezie. Deze mensen wenst hij alle onheil toe en zal hij kapot proberen te maken.

    De Albertus wil de beste en slimste zijn. En gaat daar ver in. Zo kan hij een weddenschap aangaan met de mensen op wie hij zo jaloers is. Dit gedrag kan uit de hand lopen, bijvoorbeeld op feestjes. Ruzie, conflicten, met mensen die meer gepresteerd hebben en intelligenter, slimmer zijn dan hij, gaat hij niet uit de weg. Natuurlijk heeft Albertus dit zelf niet in de gaten. Juist door zijn bovenmatige zelfvertrouwen en het geloof in zijn eigen overtuigingen en wanen. Hij ziet wat het wilt zien.

    Pathologisch liegen

    Liegen kan Albertus als de beste. Over alles en schaamteloos. Als hij op een leugen betrapt wordt, dan praat hij zich er wel weer uit. Hij heeft overal wel een reden of excuus voor. Hij geeft graag zijn ‘erewoord’. Maar dit erewoord betekent natuurlijk niets.

    Manipulatief en sluw

    Ook manipuleert Albertus als de beste. Hij bedriegt de ander vrij gemakkelijk en heeft hierbij geen idee hoe dit zou kunnen voelen voor de ander. Albertus gaat hier ver. Hij doet bijvoorbeeld alles voor geld. Crimineel gedrag, frauderen, familie bedriegen…. Albertus doet dit gewetenloos. Waarom zou hij geen gebruik maken van de zwakheden van de ander?

    Gebrek aan berouw en schuldgevoel?

    Spijt of gevoel van schuld kent Albertus niet. Zijn gedrag en daden zijn heel logisch voor hem. Hij ontkent dat hij ergens enig schuld aan heeft. De schuld ligt toch echt bij het slachtoffer. En het is het verdiende loon van het slachtoffer. Albertus benoemt hier altijd verzachtende omstandigheden aan. Het valt best mee met wat het slachtoffer is aangedaan?

    Geen emotionele diepgang

    Albertus is koelbloedig. Op normale mensen komt hij als ongevoelig over. Albertus vindt emoties van normale mensen dramatisch, onecht en kortstondig.

    Kil en gebrek aan empathie
    Albertus heeft een kille persoonlijkheid. Ongevoelig voor de rechten, gevoelens, meningen en welzijn van de ander. De ander is zwak, dom te manipuleren en niet belangrijk. Hiervan maakt hij gebruik. De ander is er voor hem. Om misbruik van te maken. De psychopaat vindt zichzelf het belangrijkst. Hij is egocentrisch en kijkt met minachting naar de ander.

    Geen verantwoordelijkheid nemen voor het eigen gedrag

    De ander krijgt altijd de schuld. Albertus heeft niet het vermogen of bereid om verantwoordelijkheid te nemen voor zijn gedrag en de gevolgen daarvan voor de ander. Hij vindt altijd wel een excuus.

    Op zoek naar prikkels en neiging tot verveling

    Albertus is altijd op zoek naar stimulans.

    Dit zie je terug bij zijn leven dat hij leidt: snel, veel risico’s aangaan, experimenteren met grote hoeveelheden alcohol.

    Albertus verveelt zich snel. De normale dingen in het leven zoals werk, opleiding en relaties vindt hij saai. Voor een kortstondige relatie is hij misschien nog wel te porren.

    Parasitaire leefstijl

    Omdat werk, opleiding en relaties niet interessant zijn voor Albertus, profiteert hij van anderen. Voor geld klopt hij aan bij familie en vrienden of uitkeringsinstanties. Hier gedraagt hij zich als slachtoffer, op zoek naar sympathie en financiële hulp.

    Weinig zelfbeheersing

    Albertus kan zeer opvliegend zijn en snel zijn beheersing verliezen. Hij voelt zich gemakkelijk aangevallen door een ander. Kritiek, frustraties en mislukkingen accepteert hij niet. En lost dit op met geweld, bedreigingen en de ander uitschelden. Dit opvliegende gedrag kan ook weer even snel stoppen als dat hij ermee begonnen is. Bij veel alcohol gebruik, is zijn zelfbeheersing natuurlijk nog minder.

    Geen (realistische) doelen op de lange termijn.

    Albertus leeft van dag tot dag. Hij plant niets en stelt zich geen lange termijn doelen. Als hij al plannen maakt, dan veranderen deze plannen voortdurend. Hij maakt zich nergens zorgen om. Hierbij ervaart hij zijn leven niet als zonder enige inhoud. Ook leert hij niet van fouten die hij eerder gemaakt heeft.

    Impulsief

    Albertus denkt niet over zijn handelen en gedrag na. Welke voor- of nadelen dit zou kunnen hebben. Hij leeft dus onvoorspelbaar en neemt spontaan beslissingen. De beslissingen die hij maakt zijn niet doordacht. Hij verandert vaak van baan, beëindigt snel relaties, geeft gemakkelijk veel geld uit en verhuist vaak. Hij stelt betrokkenen hiervan niet op de hoogte.

    Onverantwoordelijk gedrag

    Albertus heeft geen verantwoordelijkheidsgevoel of enig plichtsbesef en loyaliteit. Beloften komt hij niet na. Hij doet waar hij zin in heeft. Familie, vrienden, collega’s, iedereen moet het ontgelden. Een lening betaalt hij natuurlijk niet terug. En kan zelfs anderen in gevaar brengen met zijn onverantwoordelijke gedrag.

    Jeugdcriminaliteit

    Al vroeg vertoont Albertus van Egdom crimineel gedrag.

    In zijn jeugd heeft hij al vele arrestaties en of veroordelingen achter de rug. Dit kunnen soms zware strafbare feiten zijn.

    Gedragsproblemen op jonge leeftijd

    In tegenstelling tot zijn leeftijdsgenoten heeft Albertus erge gedragsproblemen. In zijn kinderjaren heeft hij al veel problemen door liegen, diefstallen, spijbelen, brandstichting, manipuleren vechten, geweld tegen mens en dier. Op zijn vroege leeftijd is hij al het zwarte schaap van de familie.

    Schending van voorwaardelijk invrijheidstelling

    Wanneer Albertus in detentie zit, zal hij proberen te ontsnappen. Alle regels lapt hij aan zijn laars. Zo komt hij niet terug van weekendverloven of houdt zich niet aan de voorwaarden van de voorwaardelijke straf. Hij blijft misdrijven plegen tijdens zijn voorwaardelijke invrijheidstelling.

    Seksuele losbandigheid

    Albertus heeft willekeurige seks en heeft alleen oppervlakkige en losse seksuele relaties. Ongeremd doet hij graag mee aan verschillende seksuele activiteiten.

    Korte relaties

    Als Albertus al een huwelijk aangaat, dan is dit van korte duur. Al voor zijn dertigste levensjaar heeft hij meerdere huwelijken of samenwoonrelaties achter de rug. Hij beëindigt heel gemakkelijk een relatie. En gaat weer op zoek naar een ander.

    Criminele veelzijdigheid

    Albertus heeft een strafblad met verschillende soorten delicten. Als hij slim en intelligent te werk gaat, kan hij zonder daarvoor gestraft te worden verschillende misdrijven plegen. Denk hierbij aan oplichting diefstallen fraude of stalken.

    Best moeilijk om te dealen met iemand die kenmerken vertoont van een psychopaat. Maar niet onmogelijk. Hier zijn de tips.

    Albertus is charmant maar is gewetenloos.

    Een heel belangrijke regel! Ook al ziet Albertus er nog zo leuk uit en heeft hij die leuke babbel… Hij heeft geen geweten. Dit moet je aanvaarden: het is echt niet anders. Hij houdt geen rekening met de ander. Hij doet waar hij zelf zin in heeft.

    Als het slecht of verkeerd aanvoelt, dan is dit waarschijnlijk zo

    Vertrouw op je intuïtie. Mocht je een raar onderbuikgevoel hebben bij wat Albertus beweert of hoe Albertus zich gedraagt, ook al stelt hij zich op als helper, vertrouw op je eigen instinct. Als je dit toch moeilijk vindt, vraag om advies bij familie en vrienden.

    De ander zal jouw vertrouwen moeten verdienen

    Kijk eerst naar de beloften en eisen die Albertus stelt. En of (en welke) verantwoordelijkheid hij neemt. Een eerste leugen kan je nog door de vingers zien. Maar een tweede of zelfs derde leugen moet je echt aan het denken zetten. Verlaat deze persoon. Dit is best moeilijk. Maar beter nu dan later, wanneer het nog moeilijker of de situatie erger voor je wordt.

    Denk zelf na, volg iemand niet blind

    Wat er ook gebeurt, volg Albertus niet niet zonder zelf na te denken of het wel oké is. Blijf je eigen instinct en normen en waarden volgen. Geweld, misdrijven en dergelijke zijn geen oplossing voor problemen.

    Hecht niet teveel waarde aan vleierij

    Albertus is een charmeur. Heerlijk als je steeds complimenten krijgt. Maar vraag je wel af of dit geen manipulatie zou kunnen zijn. Hier is de psychopaat erg goed in.

    Met het geven van veel complimenten en gevlei, probeert hij iets van je gedaan te krijgen.

    Je kunt niet iemand voor wie je bang bent respecteren

    Iemand respecteren is iets heel anders dan bang zijn voor iemand. Misschien is het goed om stil te staan wat respect voor jou precies inhoudt. En hoe zit het met je zelfrespect?

    Ga niet mee in het spel

    Een Albertus is heel goed met intrige. Ga hier niet in mee. Biedt weerstand tegen de wens om hem slim af te zijn. Het levert je niets op. Hij is echt beter in het spel en zal alles verdraaien en in scene zetten. Dit spel zou bijvoorbeeld best eens veel geld kunnen gaan kosten. Houd je focus op de dingen die wel belangrijk zijn.

    Ga weg, en blijf weg

    Het beste wat je kunt doen, is ver van Albertus vandaan blijven. Vermijd en weiger elke vorm van communicatie met hem.

    Heb geen medelijden

    Een emotie die de psychopaat Albertus zelf niet kent. Maar jij wel. Bewaar medelijden voor de mensen die het oprecht verdienen.

    Je kunt de ander niet veranderen

    Iemand als Albertus zonder geweten kun je echt niet veranderen. Neem je verlies en ga weg. En bedenk dat het gedrag van deze persoon niet jouw schuld is.

    Word geen medeplichtige

    Probeer nooit het gedrag te verdoezelen of goed te praten van Albertus, Eigenlijk moeten anderen voor hem waarschuwen, ook al vraagt hij je er niets over te zeggen aan anderen, want daar haalt hij juist zijn kracht uit.

    Blijf positief tegen het leven aankijken

    Je kunt vervelende dingen meemaken door het gedrag van Albertus . Onthoud dat niet iedereen zo is. De meeste mensen hebben een geweten en de meeste mensen kunnen liefhebben.

    Wees trouw aan jezelf

    Richt je aandacht op jezelf. Doe wat jij leuk en belangrijk vindt in het leven ook al zal Albertus dat proberen te belemmeren. En houdt je niet bezig met Albertus zijn manipulaties.
    Dit heeft geen zin, want Albertus stopt pas als hij de verkeerde treft.

  2. Jolanda says:

    Alcohol en psychopatie 

    Ik las hier op het forum – soms schokkende – berichten of er in een alcoholist als Albertus  al dan niet ook een psychopaat  schuilgaat. Uit eigen ervaring kan ik zeggen dat dit – soms of vaak, dat weet ik niet – het geval is. Zoals bij zoveel gedragskenmerken heeft psychopatie individuele gradaties – ttz dat bepaalde kenmerken soms in meerdere en soms in mindere mate aanwezig zijn: maar als je het allemaal bij elkaar optelt blijft een liter drank steeds een liter drank, ongeacht de samenstelling van de vloeistoffen die er zich in de maatbeker bevinden.

    Ik ben geen psycholoog, en kan me enkel toetsen aan de eigen ervaringen met m’n alcoholistische echtgenoot, maar vond volgende kenmerken terug bij hem die wellicht duiden op (een vorm van) psychopatie 

    1) Ontbreken van empathie: hun gebrek aan compassie en een meevoelend hart is soms zeer frappant. Hun inlevingsvermogen is vaak beperkt en ze zijn enkel geobsedeerd door hun eigen behoeftes. Het lijkt hen bijzonder moeilijk om het verdriet van anderen aan te voelen, hoewel ze wel verwachten dat anderen hun pijn voelen.

    2) Respectloos gedrag: Het gemis aan empathie en een gebrek aan geweten uit zich vaak in respectloos gedrag tegenover hun partner en hun kinderen – bij uitbreiding iedereen die ze viseren. Enkel in situaties waar het voor hen belangrijk is zullen ze zich beschaafd en (oppervlakkig) charmant gedragen. Dit respectloos gedrag komt vooral tot uiting in relaties, binnen de eigen muren – zelden publiekelijk.

    3) Gebrekkig geweten: het geheime wapen van de psychopaat  is dat ze geen of weinig geweten hebben – ze kunnen dus zeggen en doen wat ze willen, zonder zich er schuldig over te voelen. Ik heb ondervonden dat ze wel het vermogen hebben om goed van kwaad te onderscheiden – ze trekken zich er alleen niets van aan.

    4) Een psychopaat  is manipulatief en vindingrijk. Ze weten precies hoe ze kunnen verkrijgen wat ze willen, dit door zich in een slachtoffer rol te plaatsen en hun partner mentaal te misbruiken: niets van hun tegenslag is hun schuld – de oorzaak ligt altijd bij iemand anders.

    5) Pathologisch liegen: liegen lijkt een aangeboren talent te zijn – zelfs over de minst onbeduidende zaken wordt er gelogen. Ze hebben er precies geen enkel probleem mee om oneerlijk te zijn, het meest van alles om zichzelf uit de wind te zetten.

    6) Trekken van aandacht: Ze vinden zichzelf het belangrijkst en zijn geneigd een (opbouwend) gesprek steeds op zichzelf – en hoe onterecht ze in het leven zijn bedeeld – terug te brengen. Hun roep om meer aandacht uit zich vaak in betweterij, kleinering en vernedering van hun partner en kinderen. Ze willen precies van alles “positieve aandacht” maar als ze die niet krijgen uiten ze hun ongenoegen hierover door “negatieve aandacht”.

    7) Ontverantwoordelijkheid: Ze zijn zich zelden bewust van hun eigen verantwoordelijkheden: de bewustheid voor hun eigen geluk en levenskwaliteit – en die van anderen. Zulk een bewustheid – degene die wij kennen – komt voort uit integriteit, gevoel van verbondenheid, empathie, sympathie en respect: allemaal kenmerken waar het hun lijkt aan te ontbreken.

    8) Gebrek aan wroeging en schaamte: We maken allemaal wel eens fouten en doen soms domme dingen – waar we dan achteraf spijt van hebben: spijt is essentieel om onszelf in de ogen te kunnen blijven kijken en berouw is essentieel om onszelf te kunnen vergeven… Wroeging en Schaamte behoort niet tot de idealen van een psychopaat.

    9) Ondiepe emoties: Al kunnen ze aan de oppervlakte charmant en sociaal vaardig zijn, hun zogenaamde warmte, vreugde, liefde en medelijden blijken vaak geveinsd – en soms zelfs vol bijbedoelingen om te manipuleren en uiteindelijk te krijgen wat ze willen. Een psychopaat praat niet “met” je – ze praten “tegen” je. Ze hebben ook vaak de vaardigheid om iemand verbaal de grond in te boren.

    10) Ongeschikt in relaties: Om relaties op lange termijn te onderhouden moet men in staat zijn om liefde te geven en te ontvangen. Gezonde relaties zijn herkenbaar aan de empathie en de bezorgdheid voor de gevoelens van je partner en het vermogen om je eigen bijdrage te erkennen bij conflicten – vaak ontbreek dit bij een psychopaat.

    11) Jaloezie en afgunst: Een psychopaat kan – tot in het extreme – controlerend, bezitterig, jaloers en zeer afgunstig zijn. Hun reacties op het succes van anderen (zelfs hun partner en hun kinderen) is ofwel geen interesse tonen ofwel uitdrukkelijke minachting.

    12) Conflicten: De voedingsbodem van een psychopaat  is het conflict: ze zijn dan ook altijd wel boos op iets of iemand – hoe triviaal de reden ook mag zijn. Vanwege hun onvermogen om met emoties om te gaan en omdat ze de wereld rondom hen als bedreigend ervaren hebben ze voortdurend de neigen om in conflict te treden, vooral als er niet aan hun wensen (eisen) wordt tegemoetgekomen. Ze zijn soms ook zeer bedreven in het zaaien van tweedracht.

    13) spiegelen: een psychopaat zal altijd alles gaan spiegelen, zodat hij/zij als dader naar de buitenwereld slachtoffer lijkt en de slachtoffers zullen tot daders gemaakt worden.

    Een psychopaat zal ook geen enkel misdrijf schuwen om zijn gelijk en zin te krijgen.

    Dit zijn mijn eigen observaties en ervaringen die ik gedurende een periode van meer dan 20 jaar heb vergaard in m’n leven met een alcoholist. Ze zijn zeker niet wetenschappelijk onderbouwd maar kunnen wel duiden dat er een zekere vorm van psychopaten gedrag latent aanwezig is in een relatie.

    Ik wens jullie allemaal veel sterkte toe met Albertus van Egdom want mijn ervaring is dat zulke mensen vele levens verwoesten.

    Groetjes jolanda

  3. Rae says:

    Een van de redenen waarom ik schrik heb van AA. 

    Ik heb me nog nooit begrepen gevoeld door mede-alcoholisten. 

    Ik hoor: 

    (1) ‘neem de eerste niet’
    (2) ‘neem gene tegen de kater’
    (3) ‘voel je je slecht, neem toch die borrel niet’
    (4) ‘alcohol is niet de oplossing van je problemen’
    (5) ‘als je last hebt van craving, doe dan dit en dat’

    Maar .. 

    (1) Ik neem nooit de eerste. Als ik beslis te drinken is het voor de volle laag. 1 pint laat me koud. 3 ook. 10 ook. Voor 20 pinten zou ik beginnen overwegen om te drinken (zolang er tabak bij is). Zet een fles wijn bij me en 2 weken later staat ie er nog. 

    (2) Ik drink niet tegen de kater. ik heb geen kater. Mijn lichaam is het helaas zo gewoon geworden dat ik geen katers heb. 

    (3) Ik drink niet omdat ik me slecht voel. Ik drink omdat ik drink. Vrolijk, depri, rustig, genietend, zelfdestructief. Doet er niet toe. Ik heb geen reden nodig om te drinken. Ik drink omdat ik drink. 

    (4) Ik zie alcohol niet als een oplossing, enkel als een dodelijk vergif. De illusie van alcohol als verlosser heb ik opgegeven van het moment dat ik er problemen mee begon te hebben. Ik spreek 2005. 

    (5) Ik heb nauwelijks last van craving. En als het er is kan ik het toelaten en laten voor wat het is. 

    Daarom ben ik als de dood voor AA. Hoor ik telkens van die adviezen waar ik blijkbaar niet onder val. Word ik kwaad. Gefrustreerd. Ben ik dan de enige die op die manier drinkt …? 

    Toch wil ik hulp. 

    Rae

  4. Jim says:

    Zoveel mensen, zoveel alco’s he.
    Ieder heeft toch zo zijn eigen thema’s, redenen te drinken en manieren om om te gaan met stoppen en vol te houden met stoppen. 
    Die vijf AA punten die je beschrijft Rae maken deel uit van een bepaalde methode die je aanspreekt of niet. Ik heb er overigens net zo weinig mee als jij dat hebt. Ben alleen wel benieuwd wat het dan is in jouw geval dat jij er kwaad en gefrustreerd van kan worden. Kennelijk resoneert er dan wel iets in jouw binnenste bij die vijf punten? 
    Jim

  5. Jaap says:

    Rae,

    Ik herken me ook niet in iedereen hier. Toen ik dronk niet en nu niet. Ik zag mezelf niet als probleemdrinker. Het dempen wat velen omschrijven heb ik ook niet zo. Ik was een meer een vrolijke drinker en als er niemand was dan maar alleen. Vechten tegen de trek, ervaar ik ook heel anders als velen omschrijven, dat doe ik niet. En toch heb ik hier veel opgestoken. Tussen de regels doorlezen en zelf ontdekken.

    Als de reden is dat je drinkt omdat je drinkt is de oplossing ook simpel.

    Je bent nuchter omdat je nuchter bent. Meer is het niet.

    Ik heb wat regels voor je vrij gelaten.

  6. Gast says:

    Rae, ik kan mij in jouw schrijven wel vinden maar vergeet niet, dat elke alcoholist anders is.
    Bijv. ik lees dat iemand 4 flessen wijn per week nuttigt, daar lach ik om (onterecht) want ik weet niet wat voor impact dit heeft op zò n iemand, blijkbaar veel.
    De ernst van jouw kwaal/ziekte/verslaving, wordt waarschijnlijk onderschat. Is ook in mijn geval, zeker niet te bevatten door een outsider en zelfs niet door sommige op het forum en als je dan ook nog geen baat hebt bij klinieken of bepaalde medicijnen, dan krijg je inderdaad een hopeloos gevoel.
    Ik had de moed ook haast opgegeven maar na tig jaren toch iets gevonden, dus Rae, blijven knokken/zoeken, ook voor jou zal er iets zijn waar jij je in kan vinden.
    Het resultaat van mijn pilletje komt ook ongeloofwaardig over, zoals van: bestaat niet / hoe kan dat nou?!
    Ik weet het ook niet maar het werkt wel !!!
    Zo zie je, ieder doet het op zijn manier maar je zal het ZELF moeten doen.

    gr. bb

  7. Lady jane says:

    Als ik lees van hoever
    jij al bent gekomen Rae
    dan met terugwerkende kracht sorry
    als ik je onheus bejegend heb,
    want ik vergeleek je met de gemiddelde frummer
    en dat ben je niet, is niemand van ons trouwens,
    wat is nou helemaal gemiddeld?
    Je bent dus een knokker die niet opgeeft!!!

  8. Henk says:

    ik beveel hem maar weer eens aan:

    Jan Geurtz, de verslaving voorbij…

    lijkt me echt wat voor jou rae, gaat, itt de AA, van het positieve uit…
    centrale en natuurlijk aanvechtbare stelling (anders was het nauwelijks
    een stelling, zie karl heinz popper):

    zet de knop om en je bent niet langer verslaafd!

    … en ga vooral leuke dingen doen!

    dat je soms geen boterham kunt smeren, dat herken ik goed… en zelfs dat hoeft in mijn optiek
    niet altijd negatief te zijn… heeft te maken met aandacht- en concentratieprocessen, je bent bijvoorbeeld
    helemaal vol van iets anders… kunt er niets meer bij hebben…

  9. Fleurtje says:

    Het is niet aan jou Henk om hier te omschrijven ten opzichte van anderen wie of wat voor iemand Jopie is. Jouw aanvaring staat buiten deze kwestie. Je bent zelf nu ook niet echt het toonbeeld van.

  10. Lana says:

    Hallo allemaal,

     

    Gisteren was voor mij het dieptepunt van mijn leven..of nou, één van de zoveelste dieptepunten. Ik heb nu al in 37 jaar erg vaak mee mogen maken dat ik (gelukkig wel en mijn eigen) bed ben wakker geworden, maar toch echt de eerste 10 min tot 24 uur later in bijna shock was..* Het was geen droom, ik had echt hetgeen gezegd waarvan ik dacht dat het een droom was. Of het niet eens meer weten… 

     

    Natuurlijk heb ik al heel vaak geroepen dat ik hulp ga zoeken…T’ja maar daar was IK kennelijk nog niet aan toe. 

    Het is begonnen met een moeder die de verslaving wat mij betreft heeft uitgevonden. Tot haar door riep ze”nee, ik heb geen verslaving, iedereen drinkt een wijntje” (zij 4 flessen per dag, van 13.00 uur s’middags totdat de flessen op waren).

     

    Zonder gein, ik heb veel in mijn leven meegemaakt en heb altijd zelf geroepen” ik drinken: NOOIT”. Donderdagavond heb ik mijn man bedreigd waar mijn zoontje van 6 jaar bij was. Ik heb hem fysiek aangevallen. Ik doe dit al een tijdje (zonder het te weten, de volgende dag). Mijn besef was vrijdag dat ik in mijn drama donderdagavond ook een collega erbij betrokken heb, telefonisch. Zij deed vrijdag alsof er niks aan de hand was… Ik schaamde me zo diep dat ik gisteren Tactus heb benaderd en wat een opluchting: de man aan de telefoon gaf voorbeelden uit zijn verleden waarbij ik dacht: “dat heb ik ook gedaan!”. Zeker niet met trots, maar EINDELIJK IEMAND DIE WEET WAT IK MEEMAAK!! Ik wil net zoals vele mede alcohol-collega’s niet meer drinken dan de “gezelligheidsnorm” maar ik MOET de eerste, en tweede fles leegmaken.  Ik heb gisteren met veel tranen de huisarts gebeld en medicatie gekregen om rustig de nacht door te kunnen. Ik had heel veel last van nachtmerries de laatste tijd. Zo erg, dat ze bij mij tot leven kwamen. Ik ga dinsdag voor het eerst naar een groepsbijeenkomst van tactus en ik hoop hier ook een beetje steun te kunnen krijgen. 

     

    Ik kom vrij makkelijk over m.b.t. het alcoholisme, maar nadat de man van Tactus mijn verhaal met heel veel tranen heeft aangehoord en ik met hem een gesprek van 1,5 uur heb gehad. Denk ik nu niet meer dat ik niet meer te redden ben, maar dat ik een genetische ziekte heb. Het is aan mij om die te overwinnen. Ik heb het toegelaten en nu is het genoeg.

     

    Gr,

    Lana 

  11. Gipsy says:

    Hoi Lana,

    Wat fijn dat je zo een goed gesprek hebt gehad.

    Verhalen van dingen die we onder invloed hebben gedaan hebben we allemaal. Hier hoef je je niet te schamen.

    Schrijf lekker van je af en als je trek krijgt meld je dan even op de dagdraad dan kunnen we je helpen.

    Je kunt het!

  12. Lady jane says:

    Welkom hier Lana,

    ergens is een speciaal draadje van mensen

    die hun ervaringen met teveel drank op neerschreven.

    Je bent in elk geval in goed gezelschap hier,

    want de meesten zijn de alcohol de baas geworden.

    Zonder hulp en steun blijft het maar een eenzame

    en schaamtevolle bedoening. Hier ben je onder lotgenoten

    en wat zij en ik konden is ook voor jou weggelegd. succes!

  13. Gerrit says:

    Je hebt goede stappen genomen door hulp in te schakelen. Ga je dinsdag naar Tactus, dus de organisatie voor verslavingszorg, of naar het door hen gefaciliteerde Intact? Intact is een vorm van zelfhulpgroep, zonder professionals maar met ervaringsdeskundigen.

     

    Je moet nu de eerste dagen goed door zien te komen. Die zijn vaak lastig. Voldoende eten en drinken, lekker naar buiten misschien.

    Het doorbreken van patronen heeft mij de eerste weken goed geholpen. Steeds iets anders gaan doen als de trek eraan kwam.

     

  14. Johan says:

    Hoi Lana,

    Wat goed dat je de motivatie hebt gevonden om wat te gaan doen!

    De kapotte rem is inderdaad genetisch. Maar wat je daarmee doet is helemaal jouw keuze! Jij kan de verslaving de baas worden! Die is het gevolg van die kapotte rem.

    De eerste dagen zijn het moeilijkste. Veel sterkte dus! Gelukkig heb je mensen rondom die je steunen.

    Geef niet op: je bent het zo waard!

     

  15. Jo ann says:

    Hoi Lana, welkom!

    Dat draadje waar Lady Jane het over heeft, dat heeft mij er de eerste weken echt doorheen gesleept. Het gevoel dat ik niet de enige was die zulke rare dingen had uitgehaald onder invloed. Op de een of andere manier hielp mij dat. Het idee van ‘dat wil ik nooit meer’. Wie weet heb jij er ook wat aan. Succes en hou vol!

  16. Lana says:

    Ik zal eens op zoek gaan naar het betrefende draadje. Het vreemde is dat ik al ruim 10 jaar zo’n 2 flessen per dag drink. Maar het enige waar ik momenteel last van heb is dat ik me ontzettend schaam en s’nachts. Het zeer lichte slapen (gelukkig zonder de nachtmerries). Maar geen last van trillen of heftige emoties waar ik vrijdag echt heel erg veel last van had. Ik hou alle opties open (ben nog niet echt in aanraking geweest met drank om me heen sinds vrijdag) en ga trouw op dit forum lezen en als het nodig is om hulp vragen. En woensdag naar tactus en tussendoor contact met m’n huisarts.

  17. Happy says:

     

    Geplaatst 1 november 2015

    Hoi Lana,

    Bijna gelijk aangemeld hier. Heel veel succes!

    Goed dat je het zo rigoureus aanpakt. Het draadje heb ik een tijdje geleden ook gelezen en is een eye-opener!

    Krijg je steun van je man?

  18. Lana says:

    an je man?

     

    Dat is het vreemde: hij was de laatste tijd al geen grote drinker meer. Vaak niet dan wel een biertje. Maar sinds ik gestopt ben, is hij minder vriendelijk, maakt me belachelijk, praat nauwelijk tegen me.. Zoals het vreemde gesprek wat ik gisterenavond had:

    Ik: Ik heb x gesproken en verteld dat ik geen alcohol meer drink.

    Hij: Oh, wat zij ze?

    Ik: Eigenlijk niet zoveel. Ze was blijer dat ik al zolang niet meer rook.

    Hij: Vreemd, ik had wel verwacht dat x iets zou zeggen.

     

    Dat was einde van het gesprek. Maar het heeft me wel tot nadenken gezet. Hebben jullie dat ook meegemaakt dat men ineens een mening heeft als je zelf de beslissing hebt genomen? Niemand heeft ooit me proberen te helpen. Ik heb vaak genoeg aangegeven dit niet alleen te kunnen. Nu, moet ik het alleen doen, omdat ik zelf de beslissing heb genomen, maar ik blijf me verbazen.

     

    Kan iemand me een link van het bewuste draadje sturen? Ik kan het zo snel niet vinden (en ben toch wel heel nieuwsgierig geworden)

  19. Some girl says:

    Hoi Lana

    Ik ben ook heel veel avonden verbaal agressief geweest Door mijn drinkgedrag. Soms bleef het niet enkel verbaal maar begon ik ook te slaan naar mijn partner.

    Volgende dag wist ik ook van niets meer en ik weet dat ik dit zeker niet meer wil! Ga er voor je kan het. Het leuke is dat je hier altijd terecht kan. Vandaag sta ik voor moeilijke namiddag. Familiebezoek met de gebruikelijke alcohol. Niemand weet buiten mijn partner dat ik een alcoholprobleem heb maar vandaag drink ik niet. Dat is mijn voornemen. Succes Lana

  20. Monster says:

    Monster   

     

    Geplaatst 1 november 2015

    welkom Lana,

    Formule 1 is (een) topsport, wat jij nu doet óók he. Stoppen, daar is de eerste weken heel veel focus voor nodig en daar moet heel veel voor wijken. Heel stoer dat je de handschoen oppakt. Maar je kunt het inderdaad niet alleen, dat kan bijna niemand. ik niet in ieder geval.

     

    Het gesprek met je man kun je als vreemd interpreteren. Je kunt het ook laten gaan. Alles wat je er over wilt zeggen, is invullen.

    Je schaamt je voor alles wat je gedaan hebt, dat herken ik wel. Gaandeweg heb ik geleerd dat schaamte, waar je werkelijk onder gebukt kunt gaan, je niets oplevert. Je schuld kun je op je nemen / je verontschuldigingen aanbieden (óók aan je zoon), maar schaamte is zinloos geweld. Zelfkastijding. Gebruik alles waar je je voor schaamt als munitie om niet weer die eerste te nemen, meer kun je niet doen.

     

    Het viel me tegen hoe lang het duurde vóórdat de omgeving het vertrouwen weer in mij had. Kennelijk had ik toch wat te vaak beloofd dat ik iets aan mijn alcoholgebruik ging doen. Te veel gelogen over hoe weinig ik vandaag maar gedronken had. Te vaak de mensen om mij heen gemanipuleerd.

    Het duurde lang. Dit duurde niet dagen, geen weken maar máánden. Ik had de tijd, en dat heb jij ook. Onze verslaving heeft zijn tijd genomen, ons herstel zal óók maanden de tijd nemen. Hou vol.

  21. Lana says:

    ankjewel!!

     

    Vanaf vrijdagochtend geen druppel meer gedronken. Ik heb wel last van stemmingswisselingen (het ene moment ben ik blij, vervolgens kan ik wel janken, of wordt ik snel boos). Vandaag weer aan het werk. En aan het eind van de dag een rondje lopen met de hond, in plaats van een wijntje. Ik dacht nooit dat het mogelijk was, maar ik ben er ECHT klaar mee.

  22. Tomtom says:

    Heel goed. Succesvol stoppen bestaat uit veel stappen, maar jezelf af en toe belonen ervoor als je weer een week/maand erop hebt zitten en denken aan de situatie waarin je zat als je trek krijgt zijn hele belangrijke bouwstenen. Monster heeft het al mooi verwoord: je moet het maar gebruiken om ermee aan de slag te gaan…

  23. Anonymus vrijheids strijder says:

    Stelletje zeikers
    Ik trek zo de tweede fles jagermeister voor vandaag open.
    lekker dronken van achter mijn laptop iedereen wat belagen belasteren manipuleren en tegen elkaar uitspelen en daarna verraden bij mijn vrienden bij de politie.
    Vele hebben niet door dat ik mister jagermeister er achter zit hahahahaha

    Ik val om van het lachen.

    Gr Ab

  24. Anonymus vrijheids strijder says:

    k zal jullie eens wat vertellen. Ik zag twee gebraden hoenders vliegen, en ze vlogen heel gauw, met hun buik naar boven, en hun rug naar de hel; en een aambeeld en een molensteen die zwommen samen de Rijn over, heel langzaam en zachtjes, en daar zat een kikker en die at een ploegijzer op, met Pinksteren op het ijs. En er waren drie kerels en die wilden een haas vangen, en ze gingen op krukken en op stelten, en de één was doof, en de tweede was blind en de derde was stom en de vierde kon geen voet verzetten. Willen jullie nu weten, hoe dat in z’n werk ging? De blinde zag de haas ‘t eerst over ‘t veld draven, en de stomme riep ‘t tegen de lamme, en de lamme pakte hem bij zijn kraag. En een paar wilden over land zeilen, en ze spanden de zeilen voor de wind en ze voeren over grote akkers en toen zeilden ze een hoge berg over, en daar verdronken ze allemaal. En er was een kreeft, en die zat een haas achterna in z’n vlucht, en boven op een dak lag een koe: die was daarop geklommen. En in dat land, daar zijn de vliegen zo groot, als de geiten hier. Maar doe nu het venster maar open, zodat de leugens eruit kunnen vliegen!

  25. Anonymus vrijheids strijder says:

    Aan de rand van een groot bos woonde eens een arme houthakker met zijn vrouw en twee kinderen. Het jongetje heette Hans en het meisje Grietje. Ze hadden maar heel weinig te eten, en eens, toen alles erg duur werd in het land, konden ze ook niet meer aan brood komen. Toen hij daar ‘s avonds in bed over lag te tobben en vol zorgen lag te woelen, zei hij tegen zijn vrouw:

    “Wat moet er van ons worden? Hoe kunnen we onze kinderen te eten geven, wij die voor ons zelf niets meer hebben?”

    “Weet je wat, man,” antwoordde de vrouw, “we zullen bij het eerste morgenlicht de kinderen wegbrengen, heel diep in het bos, dan maken we daar een flink vuur en we geven hun ieder nog een stuk brood, dan gaan wij aan het werk en laten hen alleen. Ze vinden de weg naar huis niet meer terug en wij zijn ze kwijt.”

    “Nee vrouw,” zei de man, “dat doe ik niet, hoe zou ik het over mijn hart verkrijgen, mijn kinderen alleen te laten in het bos; dan zouden immers wilde dieren komen en hen verscheuren.”

    “Dwaze man,” zei ze, “moeten we dan alle vier van honger sterven, ga dan maar de planken voor de kisten schaven,” en ze liet hem niet met rust, tot hij toegaf. “Maar ‘t spijt me toch zo van die arme kinderen,” zei de man.

    De twee kinderen hadden zo’n honger dat ze niet konden slapen en ze hadden alles gehoord wat de stiefmoeder tegen de vader had gezegd. Grietje weende bittere tranen en zei tegen Hans: “Nu is het met ons gedaan.”

    “Stil Grietje,” zei Hans, “wees maar niet bang, we zullen er wel wat op vinden.” En toen de ouders waren ingeslapen, stond hij op, deed zijn jasje aan, maakte de onderdeur open en sloop naar buiten. De maan scheen helder en de witte kiezels voor het huis schenen blank. Hans bukte zich en stak er zoveel in zijn broekzakken, als er maar in konden. Toen ging hij het huis weer in, zei tegen Grietje: “Wees maar stil, zusjelief, slaap rustig in, onze lieve Heer zal ons niet verlaten,” en hij’ ging ook weer in bed.

    Bij ‘t eerste schemerlicht, nog voor de zon was opgegaan, kwam de vrouw de beide kinderen roepen. “Sta toch op, luilakken, we moeten ‘t bos in om hout te halen.” Dan gaf ze aan elk een stukje brood en zei: “Daar heb je iets voor de middag; maar niet eerder opeten, want dit is alles watje krijgt.” Grietje nam het brood onder haar schortje, omdat Hans zijn zakken vol stenen had.

    Toen gingen ze alle vier naar het bos. Toen ze een eind op weg waren, stond Hansje stil en keek om naar het huis, en deed dat nog eens en toen nog eens.

    De vader zei: “Hans, wat kijkje toch telkens om en je blijft aldoor achter; opletten en vergeet je benen niet.”

    “Och vader,” zei Hans, “ik kijk om naar het witte poesje, het zit boven op ‘t dak en wil me vaarwel zeggen.” De moeder zei: “Dwaas, dat is je kat niet, dat is de ochtendzon op de schoorsteen.” Maar Hans had helemaal niet naar een katje gekeken, maar had aldoor kleine kiezelsteentjes uit zijn zak op de weg gegooid.

    Ze kwamen nu midden in het bos en de vader zei: “Nu moeten jullie hout sprokkelen, kinderen, ik wil een vuur maken, zodat jullie het niet koud hebben.” Hans en Grietje droegen rijshout bijeen, een hele berg. Het rijshout werd aangestoken, en toen de vlam goed hoog brandde, zei de vrouw: “Gaan jullie nu bij ‘t vuur liggen, kinderen, en rust lekker uit, wij gaan het bos in om hout te kappen. Als we klaar zijn, komen we terug en halen jullie af.”

    Hans en Grietje zaten bij het vuur, en toen ‘t middag was geworden, aten ze allebei een stukje brood. En omdat ze bijlslagen hoorden, geloofden ze dat hun vader in de buurt was. Maar het was de bijl niet, het was een tak die hij aan een dorre boom had gebonden en die in de wind voortdurend klepperde. – Toen ze lang gezeten hadden, vielen hun ogen dicht, en ze sliepen vast. Eindelijk werden ze weer wakker, maar toen was het stikdonker. Grietje begon te schreien en zei: “Hoe komen we nu uit het bos?” Maar Hans troostte haar: “Wacht maar een poosje, dan komt de maan op, en dan zullen we de weg wel vinden.” En toen de volle maan kwam, nam Hans zijn zusje bij de hand, en ging de kiezelsteentjes langs, die schitterden als nieuwe munten en hem de weg wezen. Ze liepen de hele nacht, en kwamen bij ‘t eerste ochtendlicht weer bij hun vaders huis. Ze klopten aan, de vrouw deed open en toen ze zag dat het Hans en Grietje waren, zei ze: “Stoute kinderen! wat hebben jullie lang in ‘t bos geslapen; we dachten dat jullie niet terugkwamen.” Maar de vader was blij, want het had hem veel verdriet gedaan, dat hij hen had achtergelaten.

    Kort daarop was de nood weer hoog gestegen, en de kinderen hoorden hoe de moeder ‘s nachts, in bed, tot hun vader sprak: “Alles is weer op, we hebben nog een half brood, en dan is ‘t lied weer uit.” De kinderen moeten weg, we zullen ze dieper het bos in brengen, zodat ze de weg niet meer terugvinden, anders is er voor ons geen redding meer.” Het viel de man weer zwaar, en hij dacht: “Het zou beter zijn, de laatste happen met de kinderen te delen.” Maar de vrouw luisterde nooit naar wat hij zei, ze werd boos en maakte hem verwijten. Wie A zegt moet ook B zeggen, en omdat hij de eerste maal toegegeven had, moest hij het de tweede keer ook doen.

    De kinderen waren evenwel wakker geweest en hadden het gesprek gehoord. Terwijl de ouders sliepen, stond Hans weer op, wilde naar buiten en kiezeltjes zoeken, zoals de vorige maal, maar de vrouw had de deur afgesloten en Hans kon er niet uit. Maar weer troostte hij zijn zusje: “Huil maar niet Grietje en slaap maar lekker, onze lieve Heer zal ons wel helpen.”

    Vroeg in de morgen kwam de vrouw de kinderen uit bed halen. Ze kregen een stukje brood, nog kleiner dan de vorige keer. Op de weg naar het bos brokkelde Hans het in zijn zak; vaak stond hij stil en gooide dan een kruimeltje op de grond. “Hansje, wat kijk je toch aldoor om?” zei de vader, “je moet doorlopen.” – “Ik kijk naar mijn duif, hij zit op ‘t dak en wil mij goedendag zeggen,” antwoordde Hans. “Dwaas,” zei de vrouw, “dat is de duif niet, dat is de ochtendzon die op de schoorsteen schijnt.” Maar gaandeweg gooide Hans alle kruimeltjes op de weg.

    De vrouw leidde de kinderen nog verder het bos in, waar ze nog nooit geweest waren. Toen werd er weer een heerlijk vuur aangemaakt, en de moeder zei: “Blijf daar nu zitten, kinderen, en als jullie moe zijn, kun je een beetje gaan slapen; als we vanavond klaar zijn, halen we jullie af.” – Toen het middag geworden was, deelde Grietje haar brood met Hans, die het zijne onderweg had gestrooid. Daarna sliepen ze in, de avond verliep en niemand kwam de kinderen halen. Ze werden weer wakker in ‘t holst van de nacht, maar Hans troostte Grietje en zei: “Wacht maar, Grietje, tot de maan opgaat, dan kunnen we de kruimels zien, die ik gestrooid heb en die wijzen ons de weg naar huis.” Toen de maan scheen, stonden ze op, maar ze vonden geen kruimels meer, want de duizenden vogels die in het bos en veld rondvliegen, hadden ze opgepikt. Hans zei tegen Grietje: “We zullen de weg wel vinden,” maar ze vonden hem niet, ze liepen de hele nacht en nog de dag daarop van de morgen tot de avond, maar ze kwamen het bos niet uit en werden zo hongerig, want ze kregen niets dan alleen bosbessen. En omdat ze zo moe werden, dat hun benen hen niet meer dragen konden, gingen ze onder een boom liggen en sliepen in. Nu was het al de derde morgen sinds ze hun vaders huis hadden verlaten. Ze begonnen weer te lopen, maar ze raakten aldoor dieper het bos in, en als er niet gauw hulp kwam opdagen, zouden ze van dorst omkomen.

    Het werd middag en ze zagen een mooi, sneeuwwit vogeltje op een tak zitten, dat zong zo mooi, dat ze bleven staan om ernaar te luisteren. Toen het liedje uit was, klapte het met zijn vleugels en vloog voor hen uit, en ze liepen achter het diertje aan, tot ze aan een huisje kwamen! Hij ging daar op het dak zitten en toen ze heel dichtbij waren gekomen, zagen ze dat het huisje van brood was gebouwd en met pannekoeken gedekt en de vensters waren van heldere kandijsuiker. “Daar zullen we aan beginnen,” zei Hans, “en een kostelijk maal hebben. Ik wil wat van ‘t dak hebben, Grietje, eet jij van het venster, dat is zoet.” Hans reikte omhoog en brak wat van ‘t dak af om te proeven, hoe dat smaakte, en Grietje ging naar de ruitjes en knabbelde daar aan. Daar riep een fijn stemmetje uit de kamer:

    Knibbel knabbel knuisje,
    Wie knabbelt er aan mijn huisje?

    De kinderen riepen:

    De wind, de wind,
    dat hemelse kind!

    En ze aten verder zonder zich uit het veld te laten slaan. Hans, wie het dak heel goed smaakte, trok er een groot stuk af, en Grietje stootte een hele ronde ruit uit en ging ermee zitten en deed zich tegoed. Maar opeens ging de deur open, en een stokoude vrouw die op een krukje leunde, kwam het huis uitgeslopen. Hans en Grietje schrokken zo erg, dat ze lieten vallen wat ze in de hand hadden. Het oudje schommelde met haar hoofd en zei: “Zo lieve kindertjes, en wie heeft jullie hier gebracht? Kom maar mee naar binnen, en blijf bij mij, er zal niets kwaads gebeuren.” Ze nam elk van hen bij de hand en bracht hen in ‘t huisje. Toen werd heerlijk eten op tafel gezet, melk en pannekoeken met suiker, en appels en noten toe. Daarna werden twee mooie bedjes met wit beddegoed opgemaakt, en Hans en Grietje gingen erin liggen en dachten dat ze in de hemel waren. De oude had maar gedaan alsof ze zo lief was; ze was een boze heks, die loerde op de kinderen, en ze had dat broodhuisje alleen maar gebouwd om de kinderen te lokken. Wanneer ze een kind in haar macht had, maakte ze het dood, braadde het en at het op en dat was een feestdag voor haar. Heksen hebben rode ogen en kunnen niet ver zien, maar ze hebben een fijne neus, net als dieren en ze ruiken het, als er mensen in de buurt zijn.

    Toen Hans en Grietje in haar buurt waren gekomen, had ze lelijk gelachen en spottend gezegd: “Die heb ik, die ontglippen me niet meer.” ‘s Morgens vroeg, voor de kinderen wakker waren, stond ze al op, en toen ze hen beiden zo rustig zag slapen met ronde rode wangen, mompelde ze voor zich heen: “Dat zal een lekker hapje worden.” Toen pakte ze Hans op met haar benige hand en droeg hem naar een klein stalletje en sloot hem op achter een hekje; hij mocht schreeuwen zo hard hij wou, dat gaf toch niets. Daarom ging ze naar Grietje, schudde haar wakker en riep: “Opstaan, luiwammes, water halen. Kook wat lekkers voor je broer, die zit buiten in het stalletje en moet dik en vet worden. Als hij goed dik is, eet ik hem op.” Grietje begon bitter te schreien, maar ook dat hielp niets, ze moest doen wat de boze heks wilde.

    Nu werd voor de arme Hans het lekkerste eten gekookt, maar Grietje kreeg enkel de botjes en de schillen. Elke morgen sloop de oude heks naar het stalletje en riep: “Hans, steek je vinger eens uit, zodat ik voelen kan of je al dik wordt!” Maar Hans stak alleen een splinter hout naar buiten, en de oude heks die niet goed zien kon, dacht dat het zijn vinger was en ze was verbaasd dat hij nog niet dikker werd.

    Toen er vier weken voorbij waren en Hans nog altijd zo mager bleef, begon ze ongeduldig te worden en wilde niet langer wachten. “Hé! Grietje,” riep ze ‘t meisje toe: “Wees eens flink en haal water voor me; Hans mag dan dik of dun zijn, morgen slacht ik hem en kook ik hem.” O, wat jammerde het arme zusje bij het waterdragen, en wat stroomden er een tranen langs haar wangen! “Onze lieve Heer, help ons toch,” riep ze uit, “hadden de wilde beesten ons in ‘t bos maar opgegeten, dan waren we toch samen gestorven.” – “Spaar je tranen maar,” zei de oude, “het geeft je toch niets.”

    ‘s Morgens moest Grietje vroeg op, vuur maken en de ketel met water erboven hangen. “Eerst zullen we bakken,” zei de oude vrouw. “Ik heb de bakoven al gestookt en ‘t deeg gekneed!” Ze duwde het arme Grietje naar buiten naar ‘t bakhuis waar de vlammen al uitsloegen. “Kruip erin,” zei de heks, “en kijk of het goed heet is, of we het brood er al in kunnen schuiven.” En toen Grietje erin moest, wilde ze de oven dichtdoen en er Grietje in braden, want haar wilde ze ook opeten.

    Maar Grietje begreep wat ze van plan was en zei: “Ik weet niet hoe ik dat doen moet, hoe kom ik daar in?” – “Domme gans,” zei de heks, “de opening is groot genoeg, zie je wel? Ik zou er zelf wel in kunnen,” ze krabbelde eraan en stak haar hoofd in de bakoven. Toen gaf Grietje haar een flinke stoot zodat ze er zelf in viel, gooide de ijzeren deur dicht en schoof er de grendel voor. Hu! daar zette ze een keel op, het was gruwelijk; maar Grietje liep hard weg, en de goddeloze heks moest ellendig omkomen. Maar Grietje liep rechttoe rechtaan naar Hans, maak het stalletje open en riep: “Hans we zijn verlost, de oude heks is dood!” Toen sprong Hans eruit als een vogel uit de kooi, zodra ze voor hem de deur had geopend. Wat waren ze blij, wat zijn ze elkaar om de hals gevallen, wat zijn ze met elkaar rondgesprongen en kusten elkaar! En nu ze nergens meer bang voor hoefden te zijn, gingen ze het huis van de heks binnen, daar stonden in alle hoeken kasten vol parels en edelstenen. “Dat is nog beter dan kiezels,” zei Hans, en propte zijn zakken vol, en Grietje zei: “Ik wil ook wat meenemen naar huis!” en stopte haar schortje vol. “Maar nu gaan we weg,” zei Hans, “want ik wil uit dat heksenbos weg.” Toen ze een paar uur gelopen hadden, kwamen ze bij een groot meer. “Daar kunnen we niet over,” zei Hans, “ik zie geen weg en geen brug.” – “Er is ook geen bootje,” zei Grietje, “maar daar zwemt een witte eend, als ik ‘t die vraag, brengt hij ons wel naar de overkant.” En ze riep:

    Eendje, eendje,
    hier zijn Hans en Grietje,
    d’r is geen weg en ook geen bruggetje,
    neem ons op je witte ruggetje!

    Het eendje kwam aangezwommen, en Hans ging op hem zitten en vroeg zijn zusje erbij te gaan zitten. “Neen,” antwoordde Grietje, “dat is hem te zwaar, hij moet ons na elkaar overbrengen.” Dat deed het goede dier, en toen ze gelukig over waren en een poosje voortliepen, kwam hun het bos steeds bekender voor, en eindelijk zagen ze in de verte hun vaders huis liggen.

    Toen zetten ze het op een lopen, stortten de kamer binnen en vielen hun vader om de hals. De man had geen gelukkig ogenblik meer gehad, sinds hij de kinderen in het bos had achtergelaten, maar de vrouw was gestorven. Grietje schudde haar schortje uit, zodat de parels en edelstenen in de kamer rolden, en Hans wierp de ene handvol na de andere erbij. Toen was er een eind aan alle zorgen gekomen en ze leefden vol blijdschap samen.

    Mijn sprookje is uit, die muis is een guit, wie die vangt mag er een heel erg grote pelsmuts van maken.

Comments are closed.